Een internationale intifada van studenten

Foto van het protestkamp in solidariteit met Palestina bij de University of California, Los Angeles
Sinds april is er internationaal een massale golf van studentenacties opgekomen tegen de genocide in Gaza. Studenten eisen dat de universiteiten hun banden met Israëlische instellingen openbaar maken en verbreken. Na de arrestatie van honderden studenten in de VS breidden de protesten zich alleen maar verder uit.
12 juni 2024

Al meteen na de Israëlische aanval op Gaza in oktober schreven studenten van de Harvarduniversiteit in de VS een brief waarin ze Israël ‘geheel verantwoordelijk’ achtten ‘voor al het verdere geweld’. Nu Israël meer dan 36.000 Palestijnen in Gaza heeft gedood, is het duidelijk dat de studenten gelijk hadden.

Maar studenten die zich solidair toonden met Gaza kregen te maken met allerlei intimidatie en repressie. Zo werden hun persoonlijke gegevens gepubliceerd op een zionistische website (doxing). In november schorste de Columbia University, een elite-universiteit in New York, de organisaties Students for Justice in Palestine en Jewish Voice for Peace omdat ze nieuwe regels voor protest zouden hebben overtreden. Op diezelfde universiteit vielen twee zionistische studenten op 22 januari een Palestina-actie aan met een stinkende chemische stof, ‘skunk water’, waardoor acht mensen moesten worden opgenomen in het ziekenhuis.

Al deze repressie kon niet verhinderen dat studenten actie bleven voeren. Op 17 april zetten studenten op Columbia University een tentenkamp op. Ze eisten desinvestering van bedrijven die betrokken zijn bij Israëls oorlog tegen Gaza, openbaarmaking van alle financiële banden en amnestie voor alle studenten en medewerkers die eerder geschorst waren. Bestuursvoorzitter Minouche Shafik liet de actie beëindigen door politie in oproeruitrusting, waarbij 108 demonstranten gearresteerd werden. Het was voor het eerst sinds 1968 dat de politie op een campus in de VS werd ingezet tegen studentenactivisme.

Hierna breidden de acties van studenten en universiteitsmedewerkers zich steeds verder uit, naar meer dan 140 universiteiten in de VS, en ook in onder andere Argentinië, Australië, Canada, Egypte, Frankrijk, Nederland, Duitsland, Ierland, Japan, Spanje en het Verenigd Koninkrijk.

Op veel plaatsen verklaarden universiteitsmedewerkers zich solidair met hun studenten en kwamen ze zelf ook in actie. In de VS gingen op 20 mei honderden medewerkers van de University of California in Santa Cruz in staking tegen de repressie jegens studentactivisten.

Bij een ledenraadpleging had 79 procent van de deelnemers voor staken gestemd. In Canada schreef de Ontario Federation of Labour, die 54 vakbonden met samen een miljoen leden vertegenwoordigt, een open brief aan de bestuursvoorzitter van de University of Ontario.

Daarin riep de federatie de universiteit op om geen repressie in te zetten tegen actievoerende studenten. Vakbonds-leden werden opgeroepen om deel te nemen aan een solidariteitsdemonstratie op de universiteit.

Nu het op veel plaatsen bijna vakantie is, gaan de kampementen misschien niet door, maar zoeken mensen wel andere manieren om zich te verzetten. Zo droegen studenten keffiyehs en Palestijnse vlaggen bij hun diploma-uitreikingen. Bij een ceremonie op de University of Illinois zei de student Aysha Affaneh in haar toespraak: ‘Ik roep jullie op stil te staan bij de klas van 2024 in Gaza die niet meer bestaat, studenten die dit jaar niet afstuderen, en 14.000 kinderen die nooit zullen afstuderen.’

Successen

Een van de belangrijkste prestaties van de actievoerende studenten is dat ze de aandacht zijn blijven vestigen op de genocide in Gaza. Daarnaast zijn ze er ook in veel gevallen al in geslaagd om eisen binnen te halen. Tientallen universiteiten en andere onderwijsinstellingen in onder andere Noorwegen, Spanje, Nederland en Zuid-Afrika hebben na protesten besloten hun banden met Israëlische bedrijven en/of universiteiten te verbreken.

In Spanje heeft de Conferentie van Universiteitsrectoren besloten samenwerkingsverbanden te beëindigen met Israëlische universiteiten en onderzoekscentra ‘die zich niet houden aan internationale mensenrechtenwetgeving’. Dat betreft alle Israëlische universiteiten. Ook vijf universiteiten in Noorwegen hebben hun banden met Israëlische universiteiten opgeschort.

In Nederland besloot het bestuur van de Koninklijke Academie voor Beeldende Kunsten in Den Haag de banden te verbreken met de Israëlische kunstacademie Bezalel Academy of Arts and Design. Op Bezalal werd in oktober een naaiatelier geopend om gevechtskleding te maken voor Israëlische soldaten. Ook de Hogeschool voor de Kunsten in Rotterdam en de Designacademie in Eindhoven hebben toegezegd de samenwerking met Israëlische universiteiten te stoppen.

Daarnaast heeft een aantal universiteiten in Europa en Noord-Amerika besloten niet meer te investeren in bedrijven die medeplichtig zijn aan de genocide, waaronder de Israëlische wapenindustrie. Zo heeft Trinity College in Dublin toegezegd te stoppen met investeringen in ‘Israëlische bedrijven die actief zijn in de bezette Palestijnse Gebieden en op de zwarte lijst van de VN staan’. Ook stelt de universiteit acht gratis studieplekken beschikbaar voor studenten uit Gaza.

Aangezien universiteitsbesturen eerder niet eens wilden praten over het verbreken van de banden met Israël zijn dit reële successen. Dit laat zien dat het wel degelijk mogelijk is om eisen binnen te halen, ook als besturen proberen acties te verbieden of de politie op studenten af sturen.

Daarnaast heeft de studentenintifada duizenden jonge mensen in tientallen landen in korte tijd veel geleerd over de wereld waarin we leven en hoe we die kunnen veranderen, van de gewelddadige rol van de politie tot de kracht van solidariteit van werkende mensen. Deze lessen zullen nog hard nodig zijn in de strijd tegen de voortdurende nakba en voor een vrij Palestina.

 

Jij wilt ons nieuws.





    Je emailadres is vereist.